Vandaag weer een hoofdstuk uit het grote RVD sprookjesboek. Deze keer gaat het zoals u op de foto kunt zien over een kabouter, laten wij hem voor het gemak Wim noemen, die slapeloze nachten had en daarom overdag maar een tukje deed. Wim hoopte ooit eens de baas te worden over een bos aan de Noordzee en omdat hij het daar soms te koud en winderig vond, wilde hij een huisje laten bouwen in een Afrikaans bos, ver van zijn eigen land zodat de vervelende bewoners van het bos waar hij woonde hem en zijn vrouw en kinderen niet lastig zouden vallen, want eigenlijk vond hij die bewoners maar uitschot en keek minachtend op hen neer. Hij vond ze dom en zij moesten zich niet met zijn zaken bemoeien, maar ze moeten hem wel overal voor betalen en dan hun mond houden.
Hoewel er in dat het land veel zeer domme mensen rondliepen die in kaboutersprookjes geloofden en dan regelmatig naar deze kabouter en zijn familie stonden te wuiven als deze een ritje gingen maken, waren er gelukkig ook nog een paar oplettende burgers die de verhalen van Wim pure leugens vonden. Gelukkig had Wim een afdeling andere kabouters tot zijn beschikking die nog meer leugens en sprookjes aan de burgers vertelden, want hij kon soms wat dom uit zijn woorden komen. En toen dat niet hielp, kwamen er nog wat Amerikaanse sprookjesvertellers bij, om toch maar vooral te zorgen dat de mensen geloofden wat Wim hen op de mouw wilde spelden. Verder waren er gelukkig ook nog kranten zoals de telegraaf en het NOS journaal die Wim en de RVD hielpen met het verspreiden van zijn sprookjes.
Toch lukte dat allemaal niet zo goed, en de moeder van Wim schoot hem te hulp. Zij vertelde dat zij wèl in de goede bedoelingen van haar zoon geloofde en dat zij het zeer vervelend vond dat het plebs zo veel kritiek op haar en haar zoon had. “Het raakt je ” zei zij tijdens een bijeenkomst met perskabouters , maar daar mochten geen opnames van gemaakt worden en zij voegde er aan toe dat er met de kosten die het kabouterhuis maakte met centen die zij van het plebs roofden altijd zeer “prudent” werd omgesprongen. De burgers hadden namelijk geklaagd dat zij het allemaal wat kalmer aan moesten doen en werden boos, toen bleek dat de kabouterfamilie zelf nog meer centjes van het volk wilden gaan roven, zoals zij dat al honderden jaren lang deden.
Slapeloze nachten had Wim gehad en de kritiek van de burgers uit het bos, waarin hij woonde waren hem niet in de koude kleren gaan zitten, maar toen Wim dit vertelde mochten er weer geen geluid- of TV opnames van gemaakt worden! Ach, ja de kabouter komt vaak wat moeilijk uit zijn woorden.
Zo probeerde de kabouterfamilie en de RVD de burgers te doen geloven dat Wim en zijn familie best aardige kabouters waren.
U begrijpt dat dit verhaal het zoveelste hoofdstuk is uit een ellenlange reeks van sprookjes die de kabouters en de RVD de burger op de mouw proberen te spelden en dat de burgers behalve die ene ongelukkige dommoor, die hier nog intrapt , de burgers van het bos het de hoogste tijd vonden voor de kabouterfamilie om op te stappen en in een ander bos zouden gaan wonen.
Of het ooit zover komt, dat vertellen wij u de volgden keer.
PS.
Mochten er lezers zijn van dit artikel met kleine kinderen, lees ze het verhaal vanavond voor het slapengaan eens voor en let op hun reactie. Kinderen zijn onbevangen en eerlijk en wij geven u op een briefje dat als u uw Susanne of Ronald vraagt wat zij van deze kabouterfamilie vinden, ze zullen zeggen : OPROTTEN !



