De eerste vraag die onmiddelijk opduikt is natuurlijk, zijn die centen wel van Liesje oftewel hare majesteit Elisabeth de 2e van Groot Brittanië, of is het bij de Windsors net zo gegaan als bij onze oranje clan, er is gewoon her en der wat bij elkaar geschnabbeld , om het maar eens diplomatiek uit te drukken. Wist u overigens dat de naam “Windsor” pas later door het Britse vorstenhuis is bedacht ? Officieel heten zijn zij de von Saxe Coburg Gotha, maar ja dat klinkt zo Teutoons, dus is er iets leuks Brits van gemaakt. Volg ons in een fotoreportage waar Liesje haar centjes laat. Mocht u zich afvragen waar Liesje haar gezonde bruine kleur van heeft, wij dachten dat er enige gelijkenis is tussen Afrikaanse staatshoofden en hun “bronnen van inkomsten” en onze europse “vorsten”, dus ……..
1) Wij beginnen met de kosten van het Windsor Castle, slechts 3.3 miljoen pond

2) Vervolgens de kosten voor gas, water en licht ( bijna niet meer op te brengen) plus de extra kosten dienaangaande als er een feestje gegeven wordt, 2.3 miljoen respectievelijk 0.4 miljoen pond

3) Hoeden en petten, damescorsetten, kortom alles wat Liesje zo per jaar moet kopen om er toch een beetje representatief uit te kunnen zien , 0.7 miljoen pond

4) De officiële residentie van Lies is het St. James Palace, maar dat wordt al 2 eeuwen niet meer gebruikt. het jaarlijkse onderhoud 1.3 miljoen pond

5) Nu weet u waar het woord hovenier vandaan komt, het is de tuiman van het hof en met al die struiken en grasvelden kost deze per jaar 0.7 miljoen pond

6) En tenslotte de tegenhanger van paleis Noordeinde, het Buckingham palace, slechts 9.2 miljoen pond, maar je woont dan wel op stand

Alles te samen dus een slordige 17.5 mijloen pond en voor de minder bereisden onder u gewoon 20 miljoen euro. Maar nogmaals als burger krijg je natuurlijk wel waar voor je geld en dat verzacht de pijn ??????




peter Schreef:
Vlijtig Liesje schraapt wat ze kan, maar komt blijkbaar toch te kort. Dan maar wat meer mensen naar dozen onder een brug verbannen, gezellig:
http://www.parool.nl/parool/nl/225/BUITENLAND/article/detail/1016226/2010/09/24/Engelse-koningin-wilde-geld-van-fonds-armen.dhtml
Geplaatst op september 26th, 2010 at 12:49
Tinus Schreef:
Op een zeker moment in de jaartelling was de echte naam “von Sachsen Gotha Coburg” van de nu Windsors geheten familie te beladen, heel erg beladen in het Engelse koninkrijk.
Iets later in de jaartelling moest ook de Duitse naam van Liesjes hubby snel verengelst worden.
Die kastelen zijn natuurlijk wel monumenten, maar wie wil dáár nu in wonen. gewoon de kachel uitlaten lijkt me, spaart kosten en energie. Of een paar krakers uit A’dam er heen sturen. Die onderhouden de boel kostenloos voor haar en het Engelse volk.
Geplaatst op september 26th, 2010 at 14:45
check Schreef:
Of het nu de Windsors zijn of andere malloten allemaal zijn ze afkomstig van nietsontziende rovers , moordenaars en uitbuiters die zichzelf een kroon op het hoofd hebben gezet. De grootste dief en moordenaar, die kans zag zich ten kosten van plunderingen, afpersingen te profileren was de hoofdman. Toen al beschouwde men het volk als lijfeigenen, die als slaven moesten dienen.
Als ik even goed nadenk kom ik altijd terug over Afrikaanse schurken, die het niet van een vreemde hebben m.n. gewoon nageaapt wat de blanken vorsten lang voor zijn tijd hebben uitgevoerd om aan de macht te komen.
Heb eens gegoogled en voila je komt exact de beschrijving tegen , die de zgn van blauwe bloed of voor mijn part Deutsche blut aan de macht zijn gekomen,
Idi Amin Dada Oumee (Koboko (Oeganda), ±1925 — Djedda (Saoedi-Arabië), 16 augustus 2003) was van 1971 tot 1979 dictator in Oeganda. Zijn regeringstijd was een van de bloedigste in de moderne Afrikaanse geschiedenis. Hij droeg de bijnaam slachter van Afrika; zijn bewind kostte circa 300 000 mensen het leven.
Het exacte geboortejaar van Amin is onbekend, de schattingen lopen uiteen van 1924 tot 1928. Van 1951 tot 1960 was hij bokskampioen van Oeganda in de zwaargewichtklasse.
Tijdens een buitenlandse reis van president Milton Obote greep generaal Amin op 25 januari 1971 de macht in Oeganda, waarna hij een dictatoriaal regime vestigde. De militaire leiders die zijn staatsgreep niet steunden, werden door hem geëxecuteerd.
In 1972 verjoeg hij de Indiase gemeenschap uit Oeganda (circa 40 000); hij beweerde daartoe opgeroepen te zijn door God. Indiase inwoners die weigerden te vertrekken, werden uitgemoord door Amins troepen.
In 1976 ondersteunde Idi Amin een terroristische actie van de PLO, door deze organisatie toe te staan een gekaapt toestel van Air France en de passagiers onder te brengen op het Oegandese vliegveld Entebbe en van daaruit eisen te stellen aan Israël. Een bliksemactie van het Israëlische defensieleger op 4 juli 1976 maakte een eind aan de gijzeling.
In de loop der jaren heeft Amin zichzelf imposante titels toegekend, variërend van ‘president voor het leven’ tot ‘koning van Schotland’.
In 1978 vielen Amins troepen Tanzania binnen. In 1979 lukte het Tanzania, met behulp van Oegandese guerrillastrijders, Amin te verjagen. De vroegere president van Oeganda, Milton Obote, kwam weer aan de macht. Amin vluchtte naar Libië. Eind jaren ’80 verhuisde hij naar Saoedi-Arabië, waar hij met zijn vier vrouwen van een Saoedisch staatspensioen leefde. In Saoedi-Arabië kwam hij nog een keer in opspraak, omdat hij een wapentransport zou hebben geregeld voor Oegandese rebellen. De Saoedische regering dwong hem als reactie daarop te verhuizen van Djedda naar het strengere Mekka. Hij overleed in Djedda.[1]
[bewerken] Verfilming
In 1981 verscheen de Britse film Rise and Fall of Idi Amin[2]. De film ging in augustus 1981 in première. De film werd geregisseerd door Sharad Patel, Idi Amin werd gespeeld door de op Amin lijkende Joseph Olita. De film beschrijft het bewind van Idi Amin van 1971 tot zijn val in 1979. De film wordt vaak een exploitatiefilm genoemd[bron?], maar veel feiten komen wel overeen met de werkelijkheid.
Begin 2007 ging in veel Europese bioscopen de film The Last King of Scotland in première. De film toont Idi Amin, gespeeld door Forest Whitaker, door de ogen van de jonge Schot Nicholas Garrigan. Hij reist als dokter naar Oeganda, meer uit hang naar avontuur dan uit idealisme. Door toeval, doortastend optreden en een snufje opportunisme, wordt hij de lijfarts van de nieuwe president Idi Amin. De film is gebaseerd op een roman waarin historische feiten zijn verwerkt, maar het verhaal over de jonge Schotse dokter is volkomen fictief. In deze film wordt dokter Garrigan op een bepaald moment ‘Amin’s white monkey’ genoemd, hetgeen een verwijzing is naar Bob Astles, Amin’s blanke Britse adviseur. In de pers werd Astles ‘Amins blanke rat’ genoemd.
Geplaatst op september 27th, 2010 at 17:25